Onze toekomst komt binnen en rijpt in ons
lang voordat ze geschiedt.
 

Rainer Maria Rilke 

Vaccinaties: Individueel beleid

Dat vaccinaties lang niet bij elk dier onschuldig zijn is al lang bekend. Tumoren, allergieën, verergering van al aanwezige ziektes, epilepsie en immuungerelateerde stoornissen zijn slechts enkele van de veelvoorkomende reacties. Toch is vaccineren soms nodig. Sommige aandoeningen kunnen dodelijk aflopen en komen nog regelmatig voor. Gelukkig is jaarlijks vaccineren voor sommige aandoeningen ondertussen achterhaald, maar ook elke drie jaar vaccineren is lang niet altijd meer nodig.

Back to Balance zet daarom een individueel vaccinatiebeleid in.
Per dier wordt er bekeken of en in welke mate vaccinatie nodig is. Of er gevaccineerd moet worden is immers afhankelijk van verschillende factoren zoals gezondheid, leeftijd, leefomstandigheden, activiteiten die er met het dier ondernomen worden, of het dier naar het buitenland gaat of naar het pension etc.

Een ander belangrijk onderdeel welke meegenomen wordt in de overweging is de voeding. Voeding vormt de basis voor een gezond immuunsysteem. Een voeding die niet passend is voor de diersoort en het individuele dier, zorgt voor een ernstige verlaging van de weerstand. Deze lage weerstand maakt het dier bevattelijker voor ernstige aandoeningen als infecties, maar tegelijkertijd vormt een vaccinatie juist voor zo'n dier ook een enorme belasting. Bij deze dieren is het altijd kiezen tussen twee kwaden en het is dan ook verstandig de voeding op orde te krijgen en de weerstand te verhogen. Een vaccinatie advies zal daarom ook hand in hand gaan met een voedingsadvies. 

Bij Back to Balance wordt er bij honden en katten gewerkt met de vacci-check. Met behulp van een klein beetje bloed is binnen een half uur bekend of er nog voldoende anti-stoffen in het lichaam aanwezig zijn. Wanneer de uitslag voldoende positief is, hoeft er dat jaar niet gevaccineerd te worden en bij een goede titer kan de immuniteit zelfs tot zeven jaar aanhouden. Hoe lang de immuniteit precies aanwezig is, wordt momenteel nog onderzocht, maar verschilt uiteraard ook per dier. Regelmatige titercontrole is daarom verstandig.

Ook bij pups kan er getest worden of er nog sprake is van maternale immuniteit. Vaccineren wanneer het dier nog beschermt wordt door de antilichamen die de pup of kitten via de melk meekrijgt van het moederdier, kan de vaccinatie onwerkzaam maken. Tegelijkertijd vermindert de vaccinatie dan ook de maternale immuniteit. Aangeraden wordt dan ook om pas te vaccineren als de antilichamen die pups en kittens van hun moeder mee krijgen laag worden. Het testen van 1 pup per nest is daartoe voldoende aangezien ze allemaal dezelfde antistoffen van hun moeder mee krijgen via de melk.

Bij dieren met een onbekend vaccinatieverleden is een vaccinatiecheck zeker nuttig omdat het overbelasting van het lichaam met vaccinatiestoffen voorkomt. Bij gevonden dieren in een asiel of een dier waarvan je het vaccinatieboekje verloren bent, is een check een handig hulpmiddel om te bepalen wanneer er weer gevaccineerd moet worden.

Bij de hond kan er getest worden op: 
Canine Parvo Virus, (CPV), 
Canine Distemper Virus (CDV of Hondenziekte) en 
Hepatitis (HCC of besmettelijke leverontsteking) .

Bij de kat wordt er getest op:
Feline Panleukopenie (FPLV kattenziekte)
Feline Herpes (FHV een veroorzaker van niesziekte)
Feline Calici (FCV, nog een veroorzaker van niesziekte)

Voor het paard is de vaccinatiecheck helaas nog niet beschikbaar.

 

Wanneer je met je hond of kat naar het buitenland gaat is de rabiës vaccinatie verplicht. Elk land stelt weer andere invoereisen, soms moet je dier ook ontwormd zijn. Voor de individuele eisen per land kan je dan ook het beste contact opnemen met de ambasade van het betreffende land.

Voor een vaccinatie wordt je dier met de bioresonantie getest op het vaccin. Bij voorkeur gaat een vaccinatie gepaard met de jaarlijkse APK waarmee een goed beeld te verkrijgen is van de algehele gezondheid van het dier. Bij een negatieve reactie wordt het vaccin via de bioresonantie geharmoniseerd en krijgt je dier druppels mee die de entreactie na de vaccinatie verminderen en vaak voorkomen.

Zeker bij dieren die in het verleden heftig gereageerd hebben op een vaccinatie en die toch gevaccineerd moeten worden voor bijvoorbeeld het buitenland, is het aan te raden om geruime tijd voor de benodigde vaccinatiedatum te beginnen aan een NAET-traject om er zeker van te zijn dat de vaccinatie niet langer vervelende gevolgen heeft voor je dier.

Bij zieke dieren is vaccineren altijd af te raden. Overleg dan ook altijd van te voren de gezondheid van je dier wanneer je je dier wilt laten vaccineren.